Dyslectie

dyslectieDyslectie, oftewel dyslexie, is een Grieks woord en betekent vrij vertaald “beperkt met woorden”. Het duidt op problemen met het lezen van woorden wat in sommige gevallen ook wel woordblindheid genoemd wordt. Er bestaat veel onduidelijkheid over dyslectie. Vaak voelen deze groep mensen zich onbegrepen in de maatschappij. Met deze informatieve website hopen we meer duidelijkheid te creëren voor zowel mensen die dyslectisch zijn als voor mensen zonder deze problemen en zodoende de afstand tot elkaar te verkleinen in het dagelijks leven.


Oorzaak van dyslectie

Uit diverse onderzoeken is gebleken dat dyslectie een neurologische oorzaak heeft. De aandoening werd “ontdekt” aan het eind van de 19e eeuw. Bij dyslexie zijn de hersenen niet goed in staat om bepaalde informatie, zowel visuele als auditieve informatie, te interpreteren en te verwerken. De oorzaak van dyslectie kan het gevolg zijn van een hersenbeschadiging of een ontwikkelingsstoornis. Bij een hersenbeschadiging, denk bijvoorbeeld aan een ongeval of beroerte, spreken we van verworven dyslexie.

Dyslectie veroorzaakt door een ontwikkelingsstoornis noemen we ontwikkelingsdyslexie. De diagnose bij ontwikkelingsdyslectie mag alleen gesteld worden door een psycholoog, arts of orthopedagoog en er mag geen sprake zijn van een psychische stoornis waardoor de achterstand is ontstaan. Ook andere zaken moeten worden uitgesloten voordat de diagnose gesteld mag worden. Hierbij kunt u denken aan slecht onderwijs op de basisschool waarbij de achterstand niet weggewerkt kan worden door bijlessen. De kenmerken en symptomen van dyslexie zijn te lezen in het artikel Kenmerken dyslectie.

Voor verworven dyslectie is het heel moeilijk, maar bij ontwikkelingsdyslectie compenseren de hersenen de achterstand in de meeste gevallen deels door andere hersenfuncties te gebruiken. Vaak kunnen dyslectische kinderen met ontwikkelingsdyslexie op jonge leeftijd training krijgen om de hersenen beter te kunnen laten compenseren en ze op deze manier beter te stimuleren om informatie te verwerken. In sommige gevallen worden deze trainingen vergoed door de zorgverzekeraar. Lees hierover meer in het artikel Behandeling dyslectie. Dyslectie kan invloed hebben op de spelling, maar ook op de woordenschat en de leesvaardigheid. In andere gevallen komen problemen met spraak, gehoor, schrijven en het handschrift ook voor. Uit onderzoek is gebleken dat dyslexie in nauw verband staat met gerelateerde stoornissen als dyscalculie en dyspraxie. Ook stoornissen als AD(H)D en autismespectrumstoornissen kunnen samen voorkomen met dyslectie. Dit word ook wel comorbiditeit genoemd. Het hebben van 2 stoornissen in 1 individu.

dyslexie
Lezen en schrijven met dyslectie is een hele opgave.

Is dyslexie erfelijk?

Vaak zien we dyslectie terugkomen in bepaalde families. Het kan soms een generatie overslaan, maar dat hoeft niet. Ook andere problemen met taal komen vaak voor in dezelfde familie. Jongens hebben over het algemeen vaker te maken met dergelijke problemen dan meisjes. Een vader met dyslexie heeft ongeveer 50% kans dat zijn zoon ook met dezelfde problemen te maken krijgt. Voor dochters ligt dit percentage voor dyslectie veel lager. Er lopen nog veel onderzoeken naar de erfelijkheidsfactor, maar we kunnen met zekerheid zeggen dat dyslectie erfelijk is. Er is een grote kans dat u het kunt doorgeven aan uw kinderen of kleinkinderen zodat ook zij dyslectisch kunnen zijn.

Dyslectie in Nederland

Onderwijs voor onze kinderen is erg belangrijk. Kwalitatief onderwijs voor kinderen met dyslectie is nog veel belangrijker. Schattingen van het percentage kinderen met dyslexie in Nederland lopen uiteen van ongeveer 1% tot 3,5% van alle kinderen. Het gaat dan in bijna alle gevallen om kinderen met ontwikkelingsdyslexie. Door de juiste begeleiding op school en daarbuiten kan het meerendeel van deze kinderen voldoende leren lezen en schrijven. Voor kinderen met dyslectie is een goede samenwerking tussen de leraren, scholen en ouders van groot belang. De problemen waar kinderen die dyslectisch zijn mee te maken hebben moeten niet alleen op het kind afgeschoven worden. Kinderen met dyslectie kunnen er niks aan doen. Een gezamenlijk begeleiding voor het kind is de beste manier om met dyslectie om te gaan.